LSVV’70 aast op Bruce Tol en Rob van Noort

De korte termijn ziet er geweldig uit voor LSVV’70. Een naderend kampioenschap, met het mooiste titelfeest van Nederland, is in zicht. Toch laat de lange termijn ook veel moois zien. Zo is de clubleiding van de Sleutelstedelingen druk bezig met enkele top versterkingen voor komend seizoen. LSVV’70 zet in op vier nieuweling met absolute meerwaarde, die de ploeg in de Derde Klasse veel moois kunnen bieden.

In die zoektocht is de club uitgekomen bij Bruce Tol. De 21-jarige middenvelder van Floreant heeft een aflopend contract in Boskoop en is daardoor ook finanieel haalbaar. ‘Een speler in de buitencategorie’, zo omschrijft Freek Jansen het talent. ‘Floreant heeft te lang gewacht met een nieuw contract, waardoor hij komende zomer vrij is. De eerste gesprekken zijn uitstekend verlopen. Als persoon past hij bij onze club, als voetballer meer dan dat.’ Tol zelf weegt zijn woorden nog even af. ‘LSVV’70 is voor mij een jongensdroom’, aldus Tol. ‘Spelen in het maagdelijke rood en wit, ik kan me nog goed herinneren dat ik dat op de basisschool al invulde als grote wens. Het komt nu heel dichtbij, maar eerst moet alles rond komen. Pas dan geloof ik dat het echt zo is: spelen voor LSVV!’

Rob van Noort is de tweede top versterking. Een bekende speler in Leiden en omgeving. De aanvaller is al jaren een aantrekkelijke speler van DoCoS. Mede daardoor kwam hij in het vizier van de scouts van LSVV’70. ‘Van Noort heeft een doorlopende verbintenis, maar daarin is wel een clausule opgenomen dat hij naar LSVV’70 voor een gelimiteerde transfersom mag vertrekken’, legt Jansen uit. ‘We hebben hem gescout op de velden en in het nachtleven van Leiden. Een mooiere combinatie is volgens mij niet mogelijk, dus dit moet rond gaan komen.’ Van Noort zelf is verheugd. ‘Ik heb bij Jochem van der Graaf en Gerben Groenendijk gezien hoe het is om als jongen van DoCoS bij LSVV’70 te spelen. Louter positieve verhalen, en sportief zie ik het ook als een mooie stap. De mix van plezier en voetbal spreekt mij aan. De handtekeningen moeten nog worden gezet, maar ik ben hoopvol gestemd.’