Historie

‘LSVV heeft een doelpunt gezet’

Een korte geschiedenis van LSVV’70

Weet u wat gek is? LSVV’70 is een studentenvoetbalclub, in Leiden kan je geschiedenis studeren, de eerste selectie herborg tot vijf jaar geleden een gepromoveerd historicus, voormalig hoofdtrainer en erelid Wim Mugge is al sinds mensenheugenis aan de club verbonden, en toch weet niemand iets zinnigs over de geschiedenis van de club te vertellen.

Er schijnt ergens nog een archief van het bestuur rond te slingeren, waaruit vast wel iets historisch valt op te maken. Maar laten we eerlijk zijn: voor dat soort uitpluiswerk zijn we gewoon veel te lui.
Wat kunnen we dan deduceren? Uit de clubnaam kunnen we opmaken dat onze vereniging in 1970 is opgericht. De clubkleuren zijn rood en wit, mogelijk een eerbetoon aan het Internationale Socialisme, dat in die dagen nog niet dood en begraven was.

De rest van de geschiedenis hangt aan elkaar van de (vaak geromantiseerde) verhalen die uit het niets aangewaaide oud-leden ons influisteren. De club speelde aanvankelijk op een bedenkelijk niveau op de universitaire sportvelden achter het Centraal Station, tot het gras aan het Piet Paaltjespad begin jaren ’80 plaats moest maken voor een modern LUMC, en het hele circus richting het huidige Bio Science Park verkastte. Daar werd het voetbal er alles behalve beter op.

Het Universitair Sportcentrum aan het Piet Paaltjespad op de locatie van het huidige LUMC, zoals het er in de jaren '70 bij lag. Foto genomen vanaf het Centraal Station. Op de achtergrond het voormalig Pesthuis, in recenter tijden de entree van Naturalis. © Jan Terwen.

Het Universitair Sportcentrum aan het Piet Paaltjespad op de locatie van het huidige LUMC, zoals het er in de jaren ’70 bij moet hebben gelegen. Foto genomen vanaf het Centraal Station. Op de achtergrond het voormalig Pesthuis, in recenter tijden de entree van Naturalis. De rond de sportvelden opgestelde paviljoens bevatten voornamelijk studentenkamers. © Jan Terwen.

Met uitzondering overigens van een uitzonderlijke opleving van het damesvoetbal. In ’81/’82 debuteerde een damesteam van LSVV ’70 in de toenmalige 2e klasse van de Leidse Bond, met direct een kampioenschap op het veld, en zelfs het landelijk kampioenschap in de zaal. In het daaropvolgende seizoen werden de dames met toppers als Annelies Oskam, Megchel van Es en Jorien Juffermans (familie, Roelof?) meteen doodleuk kampioen van de 1e klasse, om te promoveren naar de Interregionale klasse. Het verblijf daar bleek echter van korte duur en een rappe terugkeer in de 1e klasse in seizoen ’84/’85 was niet te vermijden. In de tussentijd was er ook al een aardig lopend tweede damesteam opgericht, maar wat er vervolgens misging is vergaan in de nevelen der tijd: in seizoen ’85/’86 was de damestak alweer verdwenen.

De eerste gloriedagen van damesvoetbal bij LSVV '70. Fragmenten uit de toen nog florerende Leidse Courant, van 10 mei 1982 (links) en 11 mei 1983 (rechts).

De eerste gloriedagen van damesvoetbal bij LSVV ’70. Fragmenten uit de toen nog florerende Leidse Courant, van 10 mei 1982 (links) en 11 mei 1983 (rechts).

Onder bestuur Schutten (1991-1992) werd het clubblad “het Paaltje” nog op papier gedrukt en door leden rondgebracht. Even ging het blad zelfs internationaal (niemand had al internet of een mobiele telefoon), m.n. toen het Erasmus uitwisselingsprogramma steeds populairder werd en een LSVV-team zomaar kon bestaan uit een drietal Spanjaarden, twee Italianen, een Griek, een Duitser, een Engelsman, een verdwaalde Noor en een paar jongens uit de polder. Wat wel indruk maakte op de tegenstanders en de scheidsrechter; deze kregen ineens de vreemdste scheldwoorden om de oren (vafanculo!) en keken raar op als het wedstrijdformulier dan toch vol stond met slechts oer-hollandse achternamen. Of de gekste bijnamen. Ach ach, die KNVB, het daarop volgende jaar werd het voor LSVV zo funeste systeem met spelers-identiteitskaarten geïntroduceerd.

Overigens had de invoering van de OV-jaarkaart als prettige bijkomstigheid dat er voor de uitwedstrijden geen auto’s meer geregeld hoefden te worden. Zelfs voor de wedstrijd bij HVZ, het bedrijfsteam van Heineken in Zoeterwoude Rijndijk, werd de fiets thuis gelaten en reisde het eerste elftal met de bus. Het bier kostte daar een kwartje, dus ja, je moest ook nog thuis zien te komen…

Na deze jaren als club in de diepste spelonken van de KNVB-afdeling Leiden doorgebracht te hebben, mocht LSVV zich dan eindelijk gelukkig prijzen met de komst van het Bestuur Poelman, dat binnen een jaar een belangrijke doelstelling behaalde en een lang gekoesterde en ultieme wens van elke LSVV-er in vervulling deed gaan: een overwinning op Abbenes.

Opvolgend voorzitter Patrick Ras was niet alleen voorzitter, maar tevens technisch directeur, trainer en speler. Hij kreeg als verdediger al snel de bijnaam “de Vuurpijl”, wat als enige positief puntje had dat je met hem altijd wist waar je aan toe was. Dat was bepaald niet het geval met keeper Collin Prooi. Deze jonge aanwinst uit Heenvliet deed over het algemeen zijn naam eer aan; de meeste hoge ballen waren een makkelijke prooi, maar soms kwam hij zijn doel uit met de kreet “Die heb ik…” welke na een ijzingwekkende stilte van enkele seconden dan wel eens afgerond werd met het woordje “…niet” omdat de bal door zijn handen geglipt was en niet zelden in het net terecht gekomen was.

De lange lijst van Europese talenten die op San Gorleo furore hebben gemaakt is nog langer: tropische verrassing uit Guinnee-Bissau (West-Afrika), bijgenaamd “het Slangemens” vult deze lijst verder aan. Het blijft een raadsel hoe deze rechtsback, die regelmatig in zijn éentje de hele flank bestreek, nooit het hoogste team van LSVV bereikt heeft. Waarschijnlijk was dat op zijn eigen verzoek, omdat zijn ambities toen nog vooral binnen de rooms-katholieke kerk lagen. Verder was er nog de uit Afghanistan afkomstige Omar Farouk, die naar het schijnt een vals paspoort had, want als je hem met Jaap van Kooten aansprak dan reageerde hij ook, weliswaar altijd op de hem zo kenmerkende bescheiden toon. Nog een leuk feitje: deze twee hebben allebei tijdens een wedstrijd voor LSVV hun been gebroken hebben. Tja, voetbal was toen nog ècht oorlog. Dus dat clublied is niet zomaar uit de lucht komen vallen.

Jarenlang dobberde het eerste herenelftal in de Leidse Bond en toen die eenmaal was afgeschaft, bleek decennialang het rechterrijtje van de ranglijst van de 4e klasse de natuurlijke biotoop van de studenten. Maar dat veranderde! In 2003/2004 was het de Gouden Lichting die het rood-witte Vlaggenschip voor het eerst naar de haven van de Derde Klasse voer. Een legendarische ploeg was dat hoor, met cracks en coryfeeen als Peter ‘Prosi’ Wierenga, Frans Blom, Peter ‘Praatjes’ van den Broek, Joost ‘Radjinder’ van der Burg en Niels Knollema. En laten we Alwin Douwes, Koen Jansen, Job Weststrate, Arthur Sitee, Maarten Wammes, Bommel en Zouhir van Ben tot Guedda niet vergeten. En er deden er nog veel meer mee.

Dezelfde Gouden Lichting verloor wat van haar schittering in het seizoen erop. De ploeg degradeerde, na een moedige strijd. In 2007, de club speelde inmiddels op sportpark de Kikkerpolder, kon de vlag echter weer in top en sinds dat jaar speelt de Trots der Leidse Studenten gewoon – zoals het hoort – afwisselend in de Derde en Vierde Klasse.

Wat betreft de omvang van de vereniging: die jojoot nog harder dan het gewicht van Johan Derksen. LSVV’70 heeft jaren met tien of meer elftallen gehad, maar kende ook wat bescheidener jaren. Sinds een aantal jaar is er ook een heuse zaalvoetbaltak aan de club toegevoegd.

“Resultaten behaald in het verleden, bieden geen garantie voor de toekomst”, hoor je wel eens op zo’n spotje voor een of andere kredietmaatschappij. Dat is de spijker op zijn kop, ook voor LSVV’70. Maar aan het product LSVV’70 zit zeker geen “hoog risico verbonden”, hooguit het risico op historisch slechte grappen. Kom en maak deel uit van de roemruchte historie van Rood en Wit!

De pers, even genadeloos maar realistisch als altijd, over LSVV '70 in 1997. De later tot erelid gedoopte Peter van den Broek lag de rol van uithangbord altijd al goed.

De pers, even genadeloos maar realistisch als altijd, over LSVV ’70 in 1997. De later tot erelid gedoopte Peter van den Broek lag de rol van uithangbord altijd al goed.